Bell-Actuaries-And-Conssutants-Logo
Bell-Actuaries-And-Conssutants-Logo
Bell-Actuaries-And-Conssutants-Logo
Bell-Actuaries-And-Conssutants-Logo-Sticky
Menu

Pensioenfonds performance:
2022-Q2

23 september 2022

Home > Pensioenfonds performance: 2022-Q2

Op 15 september 2022 heeft De Nederlandsche Bank (DNB) diverse kerncijfers van 189 pensioenfondsen of collectiviteitskringen gepubliceerd met betrekking tot het tweede kwartaal van 2022. Wij geven een overzicht van de ontwikkelingen.

Download pdf version

Aantal pensioenfondsen

In het tweede kwartaal van 2022 bleef het aantal pensioenfondsen en collectiviteitskringen (exclusief fondsen in liquidatie en fondsen met minder dan 100 deelnemers) gelijk op 189. De volgende wijzigingen zijn opgetreden:

  • Het bedrijfstakpensioenfonds Houtwerkende Industrie en Jachtbouw verdween in verband met een overdracht per 1 april 2022 naar bedrijfstakpensioenfonds voor de Groothandel in Vlakglas, de Groothandel in Verf, het Glasbewerkings- en het Glazeniersbedrijf (BPFV).
  • Het Nederlandse Pensioenfonds (een APF) is per 1 januari 2022 gestart met de Collectiviteitkring Flexibel regeling (een beschikbare premieregeling).

Actuele dekkingsgraad

De gegevens die DNB ieder kwartaal publiceert bevatten informatie over de beleidsdekkingsgraden (BDG), maar niet over de actuele dekkingsgraden (ADG). Met behulp van publiek beschikbare gegevens hebben we een indicatief verloop van de actuele dekkingsgraden gemaakt.

Per type pensioenfonds worden in de grafieken de gemiddelde actuele dekkingsgraden getoond voor de kwartalen 2021K2 tot en met 2022K2. De stippellijnen zijn de ongewogen gemiddelden en de doorgetrokken lijnen de gewogen gemiddelden. De weging is op basis van het belegd vermogen, waardoor meer gewicht toegekend wordt aan de grotere pensioenfondsen. Uit beide

figuren blijkt dat BPF’en gemiddeld een lagere dekkingsgraad hebben dan de andere pensioenfondsen. Aan de gewogen dekkingsgraden (rechterfiguur) is vervolgens te zien dat de grote BPF’en gemiddeld een lagere dekkingsgraad hebben dan kleinere BPF’en, terwijl bij de andere typen pensioenfondsen juist het tegenovergestelde geldt. Sinds het eerste kwartaal 2022 is de gewogen actuele dekkingsgraad bij BPF-en hoger dan de ongewogen dekkingsgraad (op het eind van 2022K2: 119,5% om 118,1%).

De gewogen gemiddelde actuele dekkingsgraad (gemeten over alle pensioenfondsen) steeg in het tweede kwartaal 2022 van 118,7% naar 122,3%% (+3,6%).

Beleidsdekkingsgraad

Op vier fondsen na steeg bij alle fondsen de beleidsdekkingsgraad (BDG) in het tweede kwartaal van 2022. De meeste pensioenfondsen hadden aan het eind van het tweede kwartaal van 2022 een BDG tussen de 115% en 120% (31x). Relatief veel fondsen hadden ook een BDG tussen de 120% en 125% (29x). Bij 8 fondsen was de BDG lager dan 100%. Het vorige kwartaal was dit nog 11. Een fonds had nog een BDG lager dan 90%. De ADG van dit fonds is ook lager dan 90%. 33 fondsen hebben een dekkingsgraad van 130% en meer, waarbij enkele uitschieters boven de 150%.

In onderstaande figuur wordt de ontwikkeling van de beleidsdekkingsgraad inzichtelijk gemaakt.

De gemiddelde (ongewogen) BDG is in het tweede kwartaal van 2022 met 2,6% gestegen. De gewogen BDG steeg iets meer, namelijk met 3,6%.
Bij de bedrijfstakpensioenfondsen komt de gewogen BDG lager uit dan de ongewogen dekkingsgraad. Dit komt doordat de grotere BPF’en een lagere BDG hebben dan de kleinere BPF’en. Bij de ondernemingspensioenfondsen, de beroepspensioenfondsen en de algemene pensioenfondsen is dit juist omgekeerd.

Voor de BDG zijn dezelfde figuren te maken als voor de actuele dekkingsgraad. Hierin wordt zichtbaar dat de BDG alle vier kwartalen is gestegen. Bij 8 fondsen steeg de BDG in het tweede kwartaal met 5%-punt of meer.

Beleggingsrendementen

In het tweede kwartaal van 2022 lieten alle pensioenfondsen een negatief beleggingsrendement zien. Het ongewogen gemiddelde beleggingsrendement voor risico fonds in het tweede  kwartaal van 2022 bedroeg 13,1% negatief (2022K1: 7,5% negatief), met een minimum van -23,9% en een maximum van -4,6%. Het gewogen gemiddelde rendement was 11,1% negatief (2022K1: 6,2% negatief), wat inhoudt dat grotere pensioenfondsen gemiddeld een iets beter (negatief) rendement behaalden dan kleinere pensioenfondsen. Onderstaande figuur toont de rendementen ten opzichte van het verschil in actuele dekkingsgraad.

Geconcludeerd kan worden dat, ondanks een gewogen gerealiseerde beleggingsrendement van ruim 11% negatief in het tweede kwartaal van 2022 de gewogen actuele dekkingsgraad met circa 3,6% steeg. Dit komt door de verder gestegen rente in het tweede kwartaal, waardoor de pensioenverplichtingen lager gewaardeerd werden, met als gevolg per saldo een stijging van de dekkingsgraad.

Feitelijke renteafdekking

In de volgende figuur is zichtbaar gemaakt in welke mate pensioenfondsen het renterisico hebben afgedekt.

Circa 71% van de fondsen heeft een renteafdekking tussen de 30% tot 70%. De (ongewogen) gemiddelde renteafdekking komt uit op circa 58% (2022K1: 55%). Gewogen komt de renteafdekking gemiddeld uit op circa 51% (2022K1: 48%), hetgeen betekent dat grotere fondsen de rente over het algemeen fors minder afdekken.

Jeroen Koopmans  Jeroen Koopmans

Deel dit artikel

gerelateerde artikelen

2022-12-19T17:14:48+01:00
Ga naar de bovenkant