Pensioenfonds Performance 2023

11 april 2024

Op 14 maart 2024 heeft De Nederlandsche Bank (DNB) diverse kerncijfers van 185 (2022: 186) pensioenfondsen of collectiviteitskringen gepubliceerd met betrekking tot het vierde kwartaal van 2023. Op basis van de informatie over alle vier kwartalen geven we een overzicht van de ontwikkelingen in 2023.

Marktaandeel
Eind 2023 hadden de pensioenfondsen gezamenlijk circa € 1.367 miljard aan pensioenverplichtingen, een stijging van 10% ten opzichte van 2022 (€ 1.244 miljard). De totale beleggingen van de fondsen bedroegen op dat moment circa € 1.566 miljard (2022: € 1.441 miljard).

Verreweg het grootste deel van de pensioenverplichtingen (circa 80%) ligt bij de bedrijfstakpensioenfondsen. In 2023 is er een kleine verschuiving  geweest van het marktaandeel van ondernemingspensioenfondsen (-0,2%) en algemeen pensioenfondsen (-0,1%) naar bedrijfstakpensioenfondsen (+0,3%). Het marktaandeel van beroepspensioenfondsen, in termen van pensioenverplichtingen, is ook iets gedaald. Onderstaande figuren tonen het marktaandeel van vier typen pensioenfondsen per eind 2022 (2022K4) en per eind 2023 (2023K4).

Dekkingsgraden
De gegevens die DNB ieder kwartaal publiceert bevatten informatie over de beleidsdekkingsgraden, maar niet over de actuele dekkingsgraden. Met behulp van publiek beschikbare gegevens hebben we een indicatief overzicht van de actuele dekkingsgraden gemaakt.

Per type pensioenfonds worden in de bovenstaande grafieken de gemiddelde actuele dekkingsgraden getoond, voor de kwartalen 2022K4 tot en met 2023K4. De stippellijnen (links) zijn de ongewogen gemiddelden en de doorgetrokken lijnen (rechts) de gewogen gemiddelden. De weging is op basis van het belegd vermogen, waardoor meer gewicht toegekend wordt aan de grotere pensioenfondsen. De gewogen gemiddelde dekkingsgraad over alle fondsen gemeten daalde in 2023 licht, van 115,8% naar 114,6%. Uit de figuren blijkt duidelijk dat BPF’en gemiddeld een fors lagere dekkingsgraad hebben dan OPF’en. Aan de gewogen dekkingsgraden is te zien dat de grote BPF’en de gemiddelde dekkingsgraad omlaag halen, terwijl bij de andere typen pensioenfondsen de grotere fondsen een positief effect hebben op de gemiddelde dekkingsgraad. De forse daling van de actuele dekkingsgraad in het vierde kwartaal wordt met name veroorzaakt door de gedaalde rente in dat kwartaal. Bovendien hebben diverse pensioenfondsen eind 2023 een indexatie toegekend.

Dezelfde figuren zijn ook te maken voor de beleidsdekkingsgraad (BDG):

De ongewogen BDG is in 2023 met 0,9%-punt toegenomen van 124,8% naar 125,7%. De grotere pensioenfondsen vertoonden een daling, hetgeen blijkt uit het feit dat de gewogen BDG afnam (namelijk met 1,7%-punt, van 120,2% naar 118,5%).

Met de door ons bewerkte kwartaalgegevens van DNB kan een indicatief beeld worden verkregen over de prestaties van de pensioenfondsen over heel 2023. Hierbij hebben we gekeken naar een selectie van 177 pensioenfondsen/collectiviteitskringen waarvoor de relevante info beschikbaar was.

Renteafdekking en beleggingsmix
De ongewogen gemiddelde renteafdekking van de pensioenfondsen nam met 7,0% toe, van 60,3% eind 2022 naar 67,3% eind 2023. De gewogen gemiddelde renteafdekking nam in 2023 iets minder toe (met 6,3%), van 53,8% naar 60,1%%. Dit betekent dat kleinere pensioenfondsen de renteafdekking iets meer verhoogd hebben dan grotere pensioenfondsen.

Het ongewogen gemiddelde percentage van het vermogen dat belegd werd in zakelijke waarden daalde van 52,9% naar 49,0%. Gewogen ging het percentage van 63,5% naar 61,0%. Hieruit kan geconcludeerd worden dat grotere pensioenfondsen gemiddeld meer zakelijke waarden risico nemen dan kleinere pensioenfondsen.

Rendement 2023 en ontwikkeling dekkingsgraad
Het gewogen gemiddelde beleggingsrendement in 2023 bedroeg 8,7% positief (ongewogen 9,5% positief), hetgeen neerkomt op circa € 131 miljard positief. In 2022 waren deze percentages nog -21,2% en -23,3%. Het positieve beleggingsrendement is voor circa € 59 miljard een gevolg van een positief rendement uit renteafdekking (3,9% van het gemiddeld belegde vermogen in 2023). In totaal is er dus circa 4,8% positief rendement gemaakt op andere onderdelen, waarbij vooral gedacht moet worden aan de rendementen op aandelen en vastgoed.

Onderstaande figuur toont de ontwikkeling van de actuele dekkingsgraad ten opzichte van het beleggingsrendement voor risico fonds in 2023.

Uit de figuur blijkt dat alle 177 fondsen een positief beleggingsrendement realiseerden in 2023. Desondanks daalde de gewogen gemiddelde dekkingsgraad met 1,2%. Dit kan onder andere verklaard worden door de per saldo gedaalde marktrente in 2023 en de indexaties die eind 2023 zijn toegekend door diverse pensioenfondsen.

In onderstaande tabel is voor de geselecteerde 177 pensioenfondsen de gemiddelde ontwikkeling in 2023 opgenomen, zowel ongewogen als gewogen op basis van gemiddeld belegd vermogen.

De afname van de gewogen actuele dekkingsgraad in 2023 is bij OPF’en en BRF’en meer dan de ongewogen afname. Dit duidt erop dat de dekkingsgraad bij grotere fondsen van dit type meer afnam dan bij de kleinere fondsen. Bij BPF’en zorgden de grotere fondsen voor een afname van de dekkingsgraad. Bij APF’en zorgden de grotere fondsen ook voor een lagere gemiddelde dekkingsgraad, maar is deze gemiddeld genomen nog wel gestegen ten opzichte van een jaar eerder. Verder is te zien dat het gewogen beleggingsrendement van OPF’en en BRF’en achterblijft bij dat van BPF’en en APF’en.

Prestaties van individuele pensioenfondsen
Met behulp van de gegevens van DNB kunnen we een schatting maken van de jaarrendementen van individuele pensioenfondsen. Opgemerkt dient te worden dat de combinatie van de rendementspercentages over de vier kwartalen in 2023 niet noodzakelijkerwijs het jaarrendement over 2023 hoeft te bereiken. In verband met de sterk wisselende kwartaalrendementen in 2023 zullen pensioenfondsen bij de presentatie van de jaarresultaten enigszins andere rendementen kunnen laten zien.

Hoogste rendementen
De vijf pensioenfondsen met de hoogste beleggingsrendementen worden getoond in de volgende tabel.

De tabel laat niet direct een eenduidig beeld zien waarom deze pensioenfondsen het beste gepresteerd hebben in 2023. Een hoog percentage in zakelijke waarden betekende in 2023 niet automatisch dat het pensioenfonds het goed heeft gedaan: aandelen van ontwikkelde markten deden het bijvoorbeeld erg goed, maar beleggingen in bijvoorbeeld vastgoed rendeerden vaak negatief. Achteraf gezien was een hogere renteafdekking op de eerste 20 jaar in combinatie met een hoog percentage wereldwijde aandelen de beste combinatie geweest voor een hoog beleggingsrendement in 2023.

Laagste rendementen
De vijf pensioenfondsen met de laagste beleggingsrendementen worden getoond in de volgende tabel.

Ten opzichte van de top 5 fondsen hebben deze fondsen, met uitzondering van Fysiotherapeuten een relatief hoge renteafdekking. Bij een dalende rente zouden wij dan verwachten dat deze fondsen juist bovengemiddeld zouden hebben gepresteerd. Voor pensioenfondsen IBM, ING en Nedlloyd geldt echter dat zij relatief beperkt in zakelijke waarden beleggen. Pensioenfondsen Mars en Fysiotherapeuten zitten weliswaar ongeveer 65% in zakelijke waarden, maar voor beide fondsen geldt dat een groot deel van dit vermogen in vastgoed en private equity belegd was. Deze categorieën hebben het in 2023 niet goed gedaan.

“We hebben gemerkt dat onze heldere manier van communiceren van toegevoegde waarde is voor pensioenfondsen, ondernemingen en ondernemingsraden.”

gerelateerde artikelen

2024-04-11T07:52:48+02:00
Ga naar de bovenkant